Tijdens een crisis gaat alle aandacht naar buiten. Naar de directeur die een interview moet geven. Naar de journalist die belt. Naar collega’s die duidelijkheid willen. Naar inwoners, klanten of medewerkers die antwoorden verwachten.

En terecht.

Maar juist dan schiet één ding er vaak bij in: zelfzorg.

Ik zie het vaak gebeuren en heb het zelf ook ervaren. Uren achter elkaar doorgaan, nauwelijks eten of drinken en voortdurend ‘aan’ staan. De adrenaline helpt je een eind op weg, maar als een crisis langer duurt, raakt die energie op. En precies dan wordt de kans op fouten groter.

Goede crisiscommunicatie vraagt daarom niet alleen om een goede aanpak, maar ook om goed voor jezelf en voor elkaar te zorgen.

Tien dingen die in de praktijk helpen

  1. Werk met een crisisdraaiboek dat je kent (en vertrouwt) – Een goed draaiboek is geen document dat ergens ligt voor ‘als het ooit misgaat’. Het is een manier van werken die houvast geeft zodra alles tegelijk gebeurt. Duidelijke rollen en afspraken geven rust en overzicht op het moment dat je dat hard nodig hebt.
  2. Oefen voordat het nodig is – Crisissimulaties laten niet alleen zien hoe het proces werkt, maar vooral hoe mensen reageren onder druk. Wie neemt het voortouw, wie wordt stil en waar ontstaat ruis? Dat soort inzichten krijg je alleen in een oefening. Waarin het crisiscommunicatieteam met elkaar aan de slag gaat tijdens realistische crisisscenario’s. Vanuit De Crisisexperts verzorg ik samen met vakgenoten dit soort simulatietrainingen voor teams.
  3. Werk in blokken en wissel elkaar bewust af – Lang doorwerken lijkt efficiënt, maar maakt je langzaam minder scherp. Door in blokken te werken en af te lossen met collega’s, blijft er ruimte in je hoofd om goed te blijven denken in plaats van alleen te reageren.
  4. Geef rust en slaap prioriteit – Bij langere crises is doorwerken op adrenaline verleidelijk, maar riskant. Vermoeidheid beïnvloedt je oordeelsvermogen sneller dan je doorhebt. Rust is geen onderbreking van het werk, maar onderdeel ervan.
  5. Sta niet voortdurend ‘aan’ – Niet alles is direct urgent, ook al voelt dat soms wel zo. Door bewust momenten te kiezen waarop je wel en niet reageert, voorkom je dat je systeem continu in de stand ‘aan’ blijft en overprikkeld raakt.
  6. Beperk ruis en werk met één centrale waarheid – In crisissituaties ontstaan snel meerdere informatiestromen naast elkaar, mails, apps. Eén centrale plek waar informatie samenkomt, voorkomt misverstanden en geeft overzicht tijdens een crisissituatie.
  7. Eet en drink op gezette momenten – Het klinkt basaal, maar wordt vaak vergeten. Stress onderdrukt signalen van je lichaam, terwijl je energieverbruik gewoon doorgaat. Kleine, geplande momenten helpen om scherp te blijven.
  8. Bouw korte resets in – Even wandelen, weg van het scherm, rustig een kop thee drinken. Het lijkt weinig, maar het helpt je brein om spanning te laten zakken en informatie beter te ordenen.
  9. Spreek spanning uit in het team – Hardop zeggen dat iets veel is, maakt het niet groter maar vaak juist lichter. Het haalt druk uit de onderstroom, verbindt en maakt de samenwerking menselijker.
  10. Blijf steeds teruggaan naar de kern: wat is nú nodig? Niet alles kan tegelijk. Stel prioriteiten. Door telkens te filteren wat echt urgent is, voorkom je dat je jezelf verliest in alles wat ook nog aandacht vraagt.

Tot slot

In een crisis wordt er veel gevraagd. Van je hoofd, je tijd en je energie. Mentale weerbaarheid zit dan niet in volhouden tot het klaar is. Het zit in blijven denken terwijl de druk hoog is, blijven kiezen in het moment, en op tijd merken wanneer je zelf moe en minder scherp wordt.

Dat klinkt eenvoudiger dan het is, zeker in the heat of the moment.

Wat helpt jou om je hoofd koel te houden wanneer de druk echt oploopt?